terug naar de plank

Bijdrage aan de audio CD 'ZILVER', die verscheen ter gelegenheid het 25-jarig jubileum van stichting Kunst en Complex.

 

INTRODUCTIE

Op 24 maart 1983 sluiten Ies Noordhoek, Jan Krommenhoek en Arnold Schalks hun studie TSO (Tekenen, Schilderen Ontwerpen) aan de Academie van Beeldende Kunsten (nu Willem de Kooning Academie) af met een eindexamenexpositie. In 2006 bestond de ateliergemeenschap stichting Kunst en Complex, waarvan ik deel uitmaakte, 25 jaar. Het werd gevierd op 9, 10 en 11 juni 2006. Onderdeel van het jubileum is een open atelierroute die bezoekers door het fabrieksgebouw aan de Keileweg leidt. Ik vat het plan op mijn atelier te delen met de afstudeergenoten van 23 jaar geleden. De verantwoording voor dit retrospectief kunt u hieronder lezen/beluisteren.

 

BEHAAGLIJK VASTGOED

MP3-audiobestand / grootte: 10 MB / speelduur: 11 min.*

 
1982. Als Jan Krommenhoek in het begin van 1982 lid wordt van stichting Kunst & Complex, zijn de ruimtes in de loods en de bijgebouwen op de Müllerpier bijna geheel verdeeld. Jan kiest voor een hok naast de ingang van de loods, dat ooit dienst moet hebben gedaan als portiersloge. De optrek bestaat uit matglas en houten panelen. Ik herinner me, dat één wand vrijwel geheel in beslag genomen werd door een buiten werking gesteld schakelbord met stoppenkast. De geringe afmetingen van het atelier hebben als voordeel, dat het in barre tijden snel te verwarmen is. In het stroomloze voorjaar van 1982 vult de Zibro Kamin het vertrek met de typische warme petroleumlucht.
Jan maakt in zijn 'bezemkast' abstracte schilderijen op spieramen die in omtrek afwijken van de traditionele rechthoek: shaped canvasses. Hij hanteert een strak werkschema. Op het uur dat ik het hangslot van mijn atelierdeur openklik, heeft Jan er meestal al enige uren op zitten. Jan werkt gestaag en stil. Hij draagt een koptelefoon, en laat zich bij zijn werkzaamheden door Mahler, Einstürzende Neubauten, Bruckner of Palais Schaumburg aandrijven. Aan het eind van de middag kan Jan, gedekt door het geraas van zijn loodsgenoten, het atelier ongemerkt verlaten. Jan maakt zich onzichtbaar, lost op. De naam van Jan wordt dan ook vaak vergeten, of op de valreep ingevoegd bij de opmaak van een uitnodiging voor een expositie van Kunst en Complex.
Op de Müllerpier is Jan een aantal keren intern verhuisd. Meestal leverde dat ruimtewinst op. De ultieme ruimtewinst had Jan kunnen boeken met een overstap naar het pand aan de Keileweg. Hij heeft nog bij de schoonmaak en renovatie van de fabriek geholpen, maar toen sloeg hij rechtsaf en betrok een atelier aan de Molenwaterweg. Ik verloor Jan uit het oog.
 
2000. De uitval van Jan's linkeroog was een nog niet goed begrepen voorteken van de ziekte die zijn lijf nu steeds verder onklaar maakt.
 
Juni 2003. Als de inspecteur van Bouw- en Woningtoezicht bij een aangekondigde controle van ons atelierpand in de hal een kinderfietsje aantreft is voor hem de maat vol. Dit is geen omgeving voor opgroeiende kinderen. Hij adviseert het grondbedrijf de bewoning van het fabriekspand niet langer te gedogen. De gemeente bereidt een procedure voor.
 
 
December 2005. De lift brengt me naar de bovenste verdieping van verpleegtehuis Humanitas-Akropolis, waar Jan een kamer heeft. Jan heeft een ernstige vorm van multiple sclerose. MS verandert iets in het lichaam, waardoor zenuwweefsel door het eigen afweersysteem wordt aangetast. Daarbij wordt de isolerende laag rond de zenuwen beschadigd. Er ontstaan gaten in de zenuwbanen, waardoor impulsen vanuit de hersenen niet meer op de plaats van bestemming aankomen. Het vergevorderde stadium koppelde een groot deel van Jan's lichaam af van de centrale.
Jan wordt gevoed met een sonde. Slikken is te riskant.
Jan ligt op bed in zijn bovenkamer. Sterk maar niet onherkenbaar vermagerd. In zijn ogen smeult vuur. Zijn fladderende rechterhand duidt aan, dat ik hem de Lightwriter moet brengen: een computer met een toetsenbord en een dubbel beeldschermpje waardoor zowel de typer als degene waarmee hij wil communiceren de zinnen kan lezen. Jan typt h-a-l-l-o. De ingebouwde chip verklankt de ingetypte woorden tot een synthetische groet. Het klinkt onwerkelijk en potsierlijk. We schieten allebei in de lach.
Jan's rechterarm is het enige lidmaat dat hem trouw bleef. Een laatste verbinding met buiten. Het heeft iets onhandigs, die onvaste hand die typt. Onbeleefd vol hedendaags ongeduld maak ik de onvoltooid getypte zinnen alvast af. Jan typt vastberaden ook de goed geraden zinnen vol uit. Sluit af met een knikje. Tijd verliest in dit huis zijn absolute waarde. Taal wordt een slak.
Jan heeft zich na het bevel om zijn lichaam te ontruimen noodgedwongen terug moeten trekken in zijn hoofd. Een groot deel van de ruimte die hem nog rest wordt in beslag genomen door een schakelbord, dat buiten werking is gesteld. Het overgebleven gebied moet vezel voor vezel worden prijsgegeven. Zijn rechterhand typt: 'aflopende zaak' en 'geheugen stuk'. Berichten in telegramstijl uit een oorlogsgebied.
 
20 augustus 2003. Kunst & Complex ontvangt een aangetekende brief van het Ontwikkelingsbedrijf Rotterdam. Op last van Bouw- en Woningtoezicht en de Brandweer dient de stichting de bewoning van het pand aan de Keileweg binnen drie maanden te staken. Alle woningen dienen daartoe ontmanteld te worden. Aan het bestuur de opdracht deze eis aan de bewoners over te brengen.
Degenen die het het slechtst treffen wordt twee weken de tijd gegund om hun biezen te pakken. Zij vernemen het ontruimingsbevel telefonisch op hun vakantieadres in Spanje.
We schakelen een advocaat in om onze nood te lenigen. Hij stuurt het OBR een door ons geautoriseerde brief waarin op onze onberispelijke staat van dienst wordt gewezen om af- of uitstel van executie te verkrijgen. De geadresseerde ambtenaar weigert de door de koerier aangeboden enveloppe. Briesend belooft hij de stichting met gelijke munt te betalen. Diplomatie van onze voorzitter sust de verhitte gemoederen. In een e-mail van 22 september haalt onze advocaat opgelucht adem met de zin: "Mijn, schuine streep, onze brief heeft gelukkig geen schade aangericht." Bijna had ons afweersysteem zich tegen ons gekeerd.
Het conflict wordt bijgelegd, de constructieve houding van de stichting geprezen. Een brief bevestigt, dat het OBR akkoord gaat met 1 januari 2004 als uiterste datum waarop alle woningen ontmanteld moeten zijn en alle bewoning gestaakt. Alle voorzieningen die toekomstige bewoning mogelijk zouden kunnen maken moeten verdwenen zijn. De bewoners met acute verhuisproblemen krijgen tijdelijke woonruimte aangeboden.
 
 
24 maart 1983. Jan Krommenhoek, Ies Noordhoek en ik sluiten onze studie aan de Rotterdamse kunstacademie af met een eindexamenexpositie. De uitnodiging vermeldt dat de drie kunstenaars hun afstuderen kracht bij zullen zetten met 'dingen'. Jan toont een serie geschakelde shaped canvasses van open of bespannen spieramen. Ies toont tekeningen op groot formaat. Ik stel ruimtelijk werk op in de hal van het academiegebouw op het Blaak. Eén van de 'dingen' die ik tentoonstel is een vloerbeeld met een masker en twee autoaccu's. De polen worden verbonden door twee parallelle koperdraden. Tussen die accu's is aan de draden een bronzen masker opgehangen. De draden lopen door de opengeboorde pupillen. Het verbeeldt de wisselwerking tussen de binnen- en buitenwereld. In de vier dagen durende expositie heb ik de per ongeluk kapotgelopen koperdraden -tig keer hersteld.

Ies heb ik sinds de diplomauitreiking nog één keer ontmoet. Jan zette, na zijn vrije val uit het academienest, hoog in op een kunstenaarscarrière. Hij werkte hard en consciëntieus. De lat lag te hoog. Jan verzette de bakens, schoolde zich om en trad in dienst van de gemeente. Van die levensfase is mij weinig bekend. Ik sprak Jan in 2000 op zijn veertigste verjaardag, opgenomen in een vrolijke wolk van gemeentecollega's. Alles leek toen in orde.
 
Kort daarna besloot ik de zolder van mijn atelierwoning op te knappen. Ik hakte een gat in de zuidmuur en plaatste glas in de wand die mij het uitzicht op de hemel boven de haven benam. De vloerdelen werden geschuurd en gelakt. De wanden gesausd. Wit, bordeauxrood, grijs. Een groot deel van het jaar zijn ze zonovergoten. Datzelfde jaar vierden we er nieuwjaar. Een toneelgezelschap gebruikt het nu als beraamkamer en oefenruimte.
 
 
Documentatiemappen met chronologisch geordende series schilderijen staan op Jan's kamer in het gelid. Niet meer dan een geheugensteun. Hij rekende af met de dingen van weleer, terwijl hij merkte hoe het percentage ding-heid in zijn lijf onomkeerbaar toenam. Elke mens is in zekere zin een shaped canvas.
 
Op 7 april 2006 viert Kunst & Complex het vijfentwintig jarig bestaan met een rijk buffet. Een week later viert Jan zijn zesenveertigste verjaardag. Het is Goede Vrijdag. Jan ontvangt de bestelde aangepaste rolstoel, die hij met zijn rechterhand door middel van een joystick kan besturen. Er wordt een testrit gemaakt op de omloop. Jan spant zich in om het zoveelste besturingssysteem de baas te worden.
 
21 april 2006. Ik ben op weg naar Jan met een tweeledig doel. Ik wil hem deze tekst ter keuring voorlezen, én hem uitnodigen voor deelname aan een expositie.
Tijdens het jubileum stellen de leden van stichting Kunst & Complex hun ateliers open voor publiek. Zij richten daar een tentoonstelling in. Mijn zolderverdieping komt voor mijn aandeel in aanmerking. Mijn werk zal voornamelijk vloeroppervlak in beslag nemen. De wanden zijn nog vrij. Voldoende licht en vierkante meters om te delen. Ik vraag Jan een selectie te maken van zijn werk. Hij schrijft: 'vooral rechthoekige werken'. Het is recenter werk dat hij in zijn atelier op de Molenwaterweg heeft geschilderd. Omwille van de symmetrie zal ik in de noordhoek van mijn zolderruimte een kaartje met de naam 'Ies' bevestigen.
Jan's naam prijkt op de uitnodigingskaart voor het jubileum. Zijn levende lijve zal daarop verstek laten gaan. Zijn actieradius is te gering, de accu niet krachtig genoeg. Hij typt: 'rechterhand fladdert niet meer'. Jan's hand is geland. Hij is neergestreken in de vorm van schilderijen, die de wanden van mijn zolder stofferen: de bovenkamer waarin we dingen onthouden. Behaaglijk vastgoed.
 
Arnold Schalks, Rotterdam, 24 april 2006.
 
NASCHRIFT

Na een langdurig ziekbed stierf Jan Krommenhoek op 17 juli 2006 op zesenveertigjarige leeftijd.