INLEIDING

Arnold Schalks, 2012, DORO, muziektheater, opera fatu in 14 bewegingen, Alida Neslo, Marcha Reumel, Liesbeth Perotie, Gregory Kranenburg, Pablo Nahar, Cora Schmeiser, Esap Design, Shirley Paimo-Moestadja, Wilgo Baarn, Jules Brewster, Raymond Munnecom, Sandra Goedhoop, Guy Sonnen, Clinton Kaersenhout, Darell Geldorp, Harvey Klas, Josť Parami, Tolin Alexander, Mavis Noordwijk, Denise Telting, Simone Bardan, Josť Parami, Varna Peters, Chiquita Vyent, Andrew Kromodimedjo, Rogier Wiratma, Lyndon Ammersingh, Gregory Kranenburg, Fanfarekorps Penitentiaire Ambtenaren, de heer Ommen, Militaire Kapel, Kapitein Rier, Riaz Goedar, de heer Balla, Herman Snijders, Roberto Tjon A Meeuw, Ann Hermelijn, Toneelgenootschap Thalia, theater Thalia Paramaribo, Alida Neslo, opera fatu DORO

Alida Neslo met Zebra van Roddney Tjon Poen Gie in de Readytex Art Gallery, Paramaribo

(foto: Ada Korbee)

 

DORO, een Opera Fatu in 14 Bewegingen

Directe aanleiding voor DORO is het 175-jarig jubileum van het Surinaamse Toneelgenootschap Thalia (het oudste van de Caraïben). Ter gelegenheid van dit heuglijke feit wilde het bestuur graag iets voor- of door jongeren organiseren. Het is geworden vóór jongeren. Met name voor de vaak vergeten jeugddelinquenten in het Jeugd Opvoedingsgesticht van de Penitentiaire Inrichting Santo Boma, die een betere accomodatie verdienen, ver weg van volwassen criminelen.

Het libretto werd geschreven door de Surinaamse theatermaakster Alida Neslo. Het thema van DORO is vrijheid, een onderwerp waarmee Alida Neslo indringend geconfronteerd werd na haar (resocialisatie-)werk met jeugdige delinquenten. Voor de muziek werden enkele beginnende en bekende componisten gevraagd. De spelers/zangers komen uit Nederland, Suriname en Duitsland.

DORO is een eigentijdse, meertalige opera die is gebaseerd op situaties die in Suriname veelvuldig voorkomen. De muziek- en spelstijl zijn deels bekend, (voor Suriname) deels experimenteel, in een poging om het Surinaamse publiek kennis te laten maken met een andere vorm van theater, naast volkstoneel, cabaret en musical. Analoog aan de Opera Buffa, die uit de oorspronkelijke Opera Seria in Italië ontstond onder invloed van de Commedia Dell'Arte, is het idee van een Opera Fatu (spreek uit: fáááhtu, op z'n 'Italiaans' dus) ontstaan.

Surinamers zijn 'mooie-verhaaltjes-vertellers', liefst in de eigen omgeving. Zo is daar onder andere het verschijnsel van de 'bangi': een haastig ineengetimmerde bank van restmateriaal, die men vooral in de straten van de volkswijken in Suriname aantreft, waar de plaatselijke bevolking in de late middag bijeenkomt voor het uitwisselen van weetjes, roddels, politiek, sport en andere actualiteiten de buurt betreffende.

Dit verschijnsel is voor 't eerst opgepikt door de kunstenaar Roberto Tjon A Meeuw die de bank als kunstwerk op de markt bracht onder de naam 'Fatu Bangi' (een bank waarop men 'fatu's': smakelijke verhalen, vertelt). Een Opera Fatu wordt dus verteld/ gezongen/gespeeld vanaf twee Fatu Bangi's. Maar het is tegelijkertijd ook een 'fatu' op een opera: de opera wordt als het ware 'tongue in cheek' gespeeld; er wordt een loopje mee genomen.

DORO is op te vatten als 'een onderzoek naar-': een zoektocht met als eindpunt een doel dat verder in de tijd ligt: een operastijl die de Surinaamse zanger/speler op het lijf geschreven is. DORO is inhoudelijk gezien de in een dramatische vorm gegoten neerslag van een jaar werken met jeugddelinquenten (pupillen) in de Penitentiaire Inrichting Santo Boma. Jongeren die zich in de schaduw van de actualiteit bevinden, maar die er recht op hebben om gehoord te worden, niet in het minst in het kader van hun resocialisatie.

In DORO, dat als ondertitel 'De prijs van Vrijheid' heeft, wordt het verhaal verteld van een net vrijgekomen jeugdige delinquent, een 'first offender', die het maar moeilijk vindt om zijn weg terug in de schoot van de gemeenschap te vinden. Hij wordt bevangen door schaamte, twijfel en een (ver)laag(d) zelfbewustzijn. De gezinssituatie waar hij uit afkomstig is, is niet rooskleurig: moeder alleenstaand, vader - die hem niet wil 'kennen' - een notoire dronkaard en veelvuldig opgepakt individu, dat alleen maar oog heeft voor zijn eigen belang. De vrienden van de jongen proberen hem uit zijn deprimerende situatie te halen, evenals een aalmoezenier (vertegenwoordiger van de kerk), zijn moeder (die hem niet meer herkent) en een vriendin (stagiaire), die hij via internet gevonden heeft. De Zoon is echter door geen van hen echt te overtuigen, hij vindt het gewoon 'niet makkelijk om ' vrij te zijn'.

DORO bestaat uit 14 'Bewegingen', geïnspireerd door de 14 Staties van de Kruisweg van Jezus Christus. Bij elke Beweging hoort een psalm, die als inspiratiebron dient voor de uiteindelijke tekst. Het libretto is voor een groot deel gebaseerd op waargebeurde feiten en voor een groot deel samengesteld uit teksten die de pupillen schreven tijdens het 1 jaar durende Resocialisatieproject. Toegevoegd aan het libretto zijn teksten van 'bijbelse wetenschappers' als Ignatius van Loyola, teksten uit de Stabat Mater en van de Westafrikaanse schrijver/filosoof A. Hampate B.

Er zijn invloeden uit alle Surinaamse culturen: Inheems (sambura), Hindoe (ritmes en taal), Creools (loge/vrijmetselaars), winti, christendom (taal), Javaans (kostuums, beweging, taal), Chinees (invloeden uit de Chinese opera, klassiek en modern), westers, oosters, zuiders, dus, net zoals de Caraibische gemeenschap, die door de auteur wordt beschouwd als de 'pilot gemeenschap' van de wereld.

Alida Neslo

 

DORO DRAAIBOEK / Volledig libretto met regieaanwijzingen, lichtcuelijst en lichtplan

klik hier om het draaiboek in .PDF-formaat te downloaden / Bestandsgrootte: 364 KB / 28 pagina's / A4-formaat / © 2012, Alida Neslo/Thalia, Paramaribo