|
< VORIGE PROJECT
|
VOLGENDE PROJECT >
|
Taalworkshop voor in kunst geïnteresseerde kinderen van 8-14 jaar als onderdeel van het evenement 'Kunst im Park', in het kader van de Stadtranderholung van het Jugendamt Düsseldorf. Bijdragen van Hans-Peter Rams, Celine en Shelley Jödecke, Philipp Rehs, Till Steinbach, Sebastian Cornalba, Marius Slawik, Anina Scharfheuer en Arnold Schalks. Workshopdata: 26 - 30 augustus 2002 rondom het AKKi-Haus, Siegburgerstraße 25, Düsseldorf.
De beeldhouwers Klaus Sievers, Brigitte Dams, Achmed Ibrahim en Arnold Schalks stellen hun ateliers open voor samenwerkingprojecten met 60 in kunst geïnteresseerde kinderen van 8-14 jaar. Ze brengen ideeën, materiaal en gereedschap mee voor kunstwerken, die samen met de kinderen ontwikkeld, vervaardigd en voor langere tijd in de beeldentuin bij het AKKi-huis opgesteld zullen worden. Er wordt binnen gewerkt in het AKKi-huis, buiten in overdekte ateliers en in het park.
Met de beeldentuin wil AKKi de droom van een langdurige opstelling van door kinderen met kunstenaars gemaakte kunst in de buitenruimte van de stad verwezenlijken. De vaste standplaats van het AKKi-huis in het Südpark maakt langerlopende samenwerkingen mogelijk met als doel de uitvoering van op kwaliteit geselecteerde projecten. Door de toepassing van professionele (tijdrovende) technieken wordt de duurzame vervaardiging van in de buitenruimte geplaatste objecten gegarandeerd.
Het aan het AKKi-Huis grenzende park is een semi-openbare voorziening. Hierin ontstaan sculpturen, objecten en installaties die reageren op de tuinarchitectuur van het park en door middel van subtiele kunstzinnige ingrepen de waarneming van zowel volwassen als jeugdige bezoekers op verrassende en inspirerende wijze verrijken. Alle werken worden op conceptueel en praktisch gebied door kunstenaars samen met de kinderen uitgevoerd. Hierbij wordt rekening gehouden met de eisen van de jongere bezoekers. De werken moeten aangeraakt, belopen of beklommen kunnen worden. Ze dienen stevig en stabiel te zijn en tot zintuiglijk onderzoek te prikkelen.
Arnold Schalks opent een laboratorium voor het behangen van de taalruimte. Hier zal kunst met woorden en teksten ontstaan.
Het ontwerp van de beeldentuin als een afzonderlijke, door een heg van het park gescheiden ruimte daagt uit tot het werken met 'binnen' en 'buiten'. Buiten kan men bijvoorbeeld iets lezen, wat binnen opgelost of omgedraaid wordt. Raadselachtige, grappige, spannende en onverwachte associaties met de plek, reacties op de bezoekers en hun dagelijks gebruik van het park, filosofische of minder serieus bedoelde beschouwingen over de natuur, denkbeeldige wezens en tijden, of zinspelingen op het leven van alledag kunnen als uitgangspunt dienen voor gezegden, verhalen, poëzie, klankspelletjes, vragen en antwoorden.
Het park is niet alleen "het park", maar "vindt" op de veelvuldigste wijze "plaats" in onze waarneming. Op welke wijze nemen de kinderen dit waar? De globale opdracht van het taallaboratorium luidt: dit veelvoud van waarnemingen toe te laten, die waarnemingen op speelse wijze vast te leggen, ze in teksten en woorden te vatten, hierin op associatieve wijze nieuwe perspectieven te vinden, ze te schiften en de woorden en teksten tenslotte vorm te geven en ze op bordjes aan te brengen.
Schrijfgerei, een computer met printer, een kopieer- en een lamineerapparaat en een paar platen PVC is alles wat voor dit project nodig is. Er zullen tekstbordjes gemaakt worden die in de heg worden gehangen. De vormgeving is gericht op de plaats, de ordening, het formaat, de typografie en de kleur van de bordjes.
Het scheppingsproces is simpel: teksten worden met de hand op gekleurd papier geschreven of in de computer ingevoerd en op gekleurd papier gedrukt en vervolgens tussen plasticfolie gelamineerd. De gelamineerde teksten worden met popnagels aan PVC-plaatjes bevestigd, die met een decoupeerzaag in de gewenste vorm zijn gezaagd. In de plaatjes wordt een gaatje geboord waarna ze met ijzerdraad aan de stevigste takken van de heg gehangen kunnen worden. Vooraf worden in overleg met de hovenier gaten in het bladerdek van de heg geknipt.
Ongetwijfeld zullen er vele bijdragen ontstaan, die niet op een bordje vereeuwigd kunnen worden, maar het desondanks verdienen te worden medegedeeld. Voordrachten, kleine boekjes, gebundelde spreekwoorden, tentoonstellingen, maar ook de productie van een geluidsdocument behoren tot de mogelijkheden.
Sebastian: "zin tegen zin"
Sebastian: "A. binnen en buiten"
Anina: "Binnen is het benauwd, …en buiten is het vrij."
Marius: "Binnen werken we, …en buiten besteden we onze vrije tijd."
Celine: "Binnen is het hart, …en buiten is de verlegenheid."
Philipp: "Binnen is het droog, …en buiten regent het."
Sebastian: "B. voor en achter"
Marius: "Voor is de boer, …en achter zijn de varkens."
Celine: "Voor is het nooit, …en achter is de waarheid."
Sebastian: C. "gelukkig/maar helaas"
Shelley: "Gelukkig heb ik iets te drinken, …maar helaas niet wat ik wil."
Philipp: "Gelukkig is het hier rustig, …maar helaas kan men hier niet wonen."
Celine: "Gelukkig heb ik een zuster, …maar helaas is ze truttig."
Anina: "Gelukkig heb ik vrienden, …maar helaas zijn ze op zomervakantie."
Shelley: "Gelukkig ben ik gezond, …maar helaas heb ik huiswerk."
Sebastian: "D. ófwel/óf"
Anina: "Ófwel je gaat naar school, …óf je krijgt huisarrest."
Marius: "Ófwel je blijft hier en wint geld, …óf je krijgt niks."
Shelley: "Ófwel je maakt schoon, …óf ik ga weg."
Philipp: "Ófwel men vindt zijn doel, …óf men verdwaalt."
Sebastian: "E. einde"
('Live' voorgedragen op het tentoonstellingsfeest op 30 augustus 2002)